Versteld sta je er van. Misschien had je dat overweldigende gevoel zelfs al na je eerste biologieles—en dan heb ik het niet over de lessen over voortplanting. Je lichaam, het ingenieuze systeem dat toch alles onder controle weet te houden—en alles tegelijkertijd ook nog eens. (Als Windows ook maar een greintje van…). Dat immense netwerk van zenuwbanen, bloedvaten en niet te vergeten het lymfeklierstelsel en alle stoffen die door je lichaam reizen. (Als de NS ook maar een…). Maar soms beangstigt het me. Wat als je lichaam BIJNA alles onder controle weet te houden? (Zoals de NS du—) Al die processen, al die dingen die fout kunnen gaan. En ik weet niet wat mij soms meer afschrikt: een Ziekte (met hoofdletter Z ja, en met de huidige levensverwachting bijna onvermijdelijk), of de methode om de strijd aan te gaan met die ziekte. En wat als je al een ziekte hebt, weliswaar eentje die niet levensbedreigend is, maar wel een die je liever kwijt bent dan rijk? Wanneer ga je behandelen en wanneer niet? Vragen die in mij opkomen na het lezen van een artikel over nanotechnologie en MS.

Onderzoek naar de behandeling van MS

Broertje R. wees mij van de week op een artikel over de toepassing van nanotechnologie in de behandeling van Relapsing Remitting MS. Ik heb MS—duhh, de trouwe lezer van mijn blog weet dat inmiddels wel, maar ik schrijf het zodat de onwetende lezer de rest van mijn blog ook kan volgen—maar bij mij valt het nog wel mee (vind ik zelf). Oké, mijn leven heeft een drastische wending genomen sinds de klachten sterk toenamen en de diagnose die ik kort daaropvolgend kreeg, maar tot op heden ben ik eigenlijk.. ja.. gewoon gelukkig met mijn leven. (Kotsmomentje, ohhhhh, ik ben zoooo gelukkig). Nee, maar echt, ik ben blij dat het niet wat anders is wat ik heb, want het kan veel erger. Seriously,

Nog geen medicijnen tegen MS

Voor diegenen die geen idee hebben waar ik het over heb en nog steeds in de prehistorische veronderstelling leven dat MS een spierziekte is: MS is een ziekte waarbij het immuunsysteem gezonde cellen aanvalt, namelijk de zenuwcellen, wat uiteindelijk kan leiden tot o.a. blindheid, verlamming, krachtverlies, gevoelsstoornissen, kortom, allerlei dingen waar je niet op zit te wachten. Al helemaal niet als je de dertig nog niet eens gepasseerd bent. Medicijnen zijn er wel, maar ik neem ze niet. Waarom niet? Ze schijnen niet voor iedereen (even goed) te werken, er zitten vaak veel bijwerkingen aan vast en bovendien werken ze maar ‘een beetje’. Tenminste, ik vind dat als jij in een jaar vier keer in plaats van zes keer een terugval krijgt (terwijl je wel om de dag jezelf een injectie moet geven) dat dat medicijn maar ‘een beetje’ werkt. Helaas! Tot op heden bestaat er dus geen medicijn dus dat MS compleet overwint. (Gelukkig verkeer ik overigens in de prettige positie waarin het niet nemen van medicijnen een aanvaardbare keus is).

Nanotechnologie en MS - Illustratie van een injectiespuit met nanodeeltjes

Nanotechnologie: eindelijk een medicijn dat echt werkt tegen MS?

Het nieuws dat er mogelijk een medicijn gaat komen dat ervoor kan zorgen dat je een aantal jaar helemaal geen terugval krijgt EN waar geen bijwerkingen aan vast zitten, klinkt bijna te mooi voor woorden. Wow, denk ik. Dat zou geweldig zijn! Visioenen dringen zich aan mij op: niet meer tien tot twaalf uur moeten slapen per dag, niet meer altijd moe (ik ben altijd moet ja), ik kan dan dingen gaan ondernemen met mijn nichtjes (daar heb ik nu geen energie voor), ik zou misschien…. STOP. Hee, Ann, lekker zinloos zeg. Heb je niet wat beters te doen vandaag? Toch…. toch sluimert ergens een klein beetje hoop… nee, geen hoop, maar vertrouwen, een stiekem vertrouwen in de wetenschap met als resultaat een artikel op de voorpagina van een betrouwbare krant met het bericht dat er eindelijk een medicijn is tegen MS.

Nanodeeltjes: eng of niet?

Maargoed. Dus toch een beetje hoop, al probeer ik dat niet te veel te hebben. Maar als ik dan kijk wat daar tegenover staat: nanodeeltjes in mijn bloed, lopen de rillingen over mijn rug. Nanodeeltjes? Heb ik daar niet allerlei horrorverhalen over gehoord? Juist, een snelle blik op de zoekresultaten die Google uitspuugt leert mij dat er verschillende meningen zijn over de veiligheid van nanodeeltjes. In een artikel van de Volkskrant is zelfs te lezen dat volgens sommige studies is gebleken dat nanodeeltjes tot DNA-schade of kanker kan leiden. Bovendien lees ik in het eerdergenoemde artikel van Scientias dat de deeltjes zo klein zijn dat je lichaam ze niet als lichaamsvreemde stof ziet (dat is ook de reden dat deze technologie in deze specifieke behandeling goed zou kunnen werken). Gevoelsmatig klinkt het echter als een heel gevaarlijk spel dat onomkeerbaar is. Brrr. Hoewel de wetenschap genoeg geruststellende studies zou kunnen publiceren, voelt het hele idee van kleine onzichtbare indringertjes gewoonweg huiveringwekkend. En eenmaal in die bloedbaan komen ze er denk ik nooit meer uit.

Een trojaans paard met een verborgen leger van nanodeeltjes

Aan de andere kant: dat mijn immuunsysteem mijn eigen cellen als indringers ziet is natuurlijk ook niet normaal. Het is afwijkend, ziek, ontregeld, losgeslagen, onnatuurlijk. Misschien dat het enige wat helpt een spelletje is volgens de regels van mijn immuunsysteem. Sluw als een vos de scepter van Koning Immuunsysteem proberen te omzeilen door een trojaans paard binnen te brengen, waardoor het leger onzichtbaar blijft voor de dictator van mijn lichaam. Als ik het zo bekijk, geef ik het misschien wel en kans. En tja, nu heb ik makkelijk praten, maar als ik misschien andere uitvalverschijnselen krijg, denk ik misschien heel anders en wil ik me misschien opwerpen als proefkonijn.

Wat vind jij van nanotechnologie? Beangstigend? Of geloof je juist meer in de mogelijkheden die nanotechnologie biedt voor de ontwikkelingen binnen de (medische) wetenschap liggen? Ik hoor jouw mening hierover graag in een reactie hieronder!